Nursing maart 2005 - In de wetenschap
Geloof in eigen
kunnen
Stimulering self-efficacy
goed in te passen in huidige diabeteszorg
Door Jessie van Loon
Meer bewegen en gezonder eten zijn de meest essentiële zelfmanagementaspecten voor patiënten met diabetes mellitus type 2. Kennis over de risicos en mogelijke complicaties van te hoge bloedsuikerwaarden is een voorwaarde voor gedragsverandering, maar veel belangrijker is dat de patiënt gelooft in eigen kunnen.
Jaap van der Bijl en Katja van de Laar ontwikkelden een theoriegestuurd educatieprogramma voor diabetesverpleegkundigen en diëtisten op basis van de theorie van de Amerikaanse psycholoog Bandura. Hij gaat uit van het idee dat geloof in eigen kunnen, door Bandura self-efficacy genoemd, bepalend is voor elke vorm van gedragsverandering. Iemand die bijvoorbeeld niet gelooft dat hij in staat is te stoppen met roken zal ook zeker geen stappen in die richting ondernemen. De Utrechtse verplegingswetenschappers hebben onderzocht of een benaderingswijze in de lijn van Banduras theorie in te passen is in de huidige diabeteszorg.
Vier principes van Bandura
De theorie van Bandura bestaat uit vier basisprincipes
die self-efficacy vergroten. De onderzoekers hebben de algemene
theorie aangevuld met diabetesspecifieke voorbeelden en
interventies:
1. Niets is zo stimulerend als succeservaringen. Wanneer
diabetesverpleegkundigen en diëtisten patiënten stimuleren om
met het gewenste gedrag te oefenen, kunnen zij succeservaringen
creëren. Voorwaarde is dat de patiënt achter de
gedragsverandering staat en dat het om haalbare doelen gaat.
Daarom is het belangrijk de definitie van gewenst
gedrag aan te passen aan de wensen en de beleving van de
patiënt. Iemand die bang is in het verkeer zal eerder
gemotiveerd zijn om te gaan joggen dan om te gaan fietsen.
2. Mensen denken al snel: Als hij of zij het kan, moet ik
het toch ook kunnen. Succesverhalen van anderen op gebied
van voeding en beweging stimuleren patiënten om door te zetten.
De Utrechtse onderzoekers hebben een brochure [1] gemaakt die
gebruikt kan worden bij de individuele begeleiding. In de
brochure vertellen patiënten over hun positieve ervaringen.
Bandura noemt dit symbolische modelling.
3. Positieve feedback is enorm belangrijk. Positieve bevestiging
is iets wat wij in Nederland niet erg gewend zijn. Het is echter
belangrijk om faalervaringen te voorkomen. Hierin spelen
diabetesverpleegkundigen en diëtisten een sleutelrol.
4. De eerste drie principes vormen een opwaartse spiraal.
Positieve ervaringen, bijvoorbeeld met meer bewegen en positieve
feedback daarover geven een goed gevoel, zowel lichamelijk als
geestelijk. Dit werkt weer stimulerend.
Het onderzoek
Allereerst hebben de onderzoekers een educatieprogramma
ontwikkeld, gebaseerd op de Bandura-theorie. Daarbij hebben ze
ook gebruik gemaakt van literatuuronderzoek en interviews met
patiënten, verpleegkundigen en diëtisten. Daarna heeft een
pilotstudie plaatsgevonden onder 31 patiënten met diabetes
mellitus type 2. In een periode van ongeveer een halfjaar
bezochten zij drie keer een diëtist en vier keer een
diabetesverpleegkundige. Deze hulpverleners hadden daarvoor een
training in het toepassen van Banduras theorie gevolgd en
zij hebben de deelnemers begeleid volgens de nieuwe aanpak.
Objectieve productevaluatie
De onderzoekers hebben getracht om met behulp van voor-
en nametingen de effectiviteit van het programma te testen. Deze
objectieve productevaluatie bestond uit het meten van de volgende
variabelen: kennis, zelfmanagementgedrag, self-efficacy met
behulp van vragenlijsten, de bloedwaarden HbA1c, cholesterol,
triglyceriden en ten slotte bloeddruk en Queteletindex. Hoewel de
patiënten significant beter scoorden op vrijwel alle vlakken,
zijn deze resultaten niet representatief. Slechts 17 deelnemers
hebben namelijk het volledige educatieprogramma gevolgd. Jaap van
der Bijl wijt dit vooral aan het ontbreken van goede
selectiecriteria. In het grootschalige vervolgonderzoek
moeten we de criteria duidelijker en scherper stellen. Het is
jammer dat relatief veel mensen afgehaakt zijn wegens
motivatieproblemen of gezondheidsredenen, maar voor dit onderzoek
is het geen ramp. We beschouwen de resultaten als een proefmeting
en die geeft aanleiding voor optimisme.
Subjectieve procesevaluatie
De tijdsinvestering vonden de deelnemende
diabetesverpleegkundigen en diëtisten heel redelijk. Naast
die eerste investering om je met de theorie van Bandura vertrouwd
te maken, moet je open staan voor nieuwe methoden, want het
overstappen van kennisgestuurde hulpverlening naar deze vooral
coachende vorm van begeleiding vraagt een attitudeverandering,
benadrukt de onderzoeker.
De patiënten die de eindstreep gehaald hebben, waren
ook positief. In hoeverre dit programma bijdraagt aan
gedragsbehoud is een kwestie van afwachten. Vooral het
werken met concrete doelen, het oefenen in kleine haalbare
stappen en de nadruk op de praktische toepassing in het eigen
leven scoorden hoog bij zowel de deelnemers als de hulpverleners.
Vervolgonderzoek
In januari 2006 gaat bij toekenning van ZonMw-subsidie
een grootschalig onderzoek van start onder 300 patiënten uit 10
verschillende thuiszorgorganisaties. Jaap van der Bijl:
Inmiddels is er zon groot aanbod aan onderzoek
waaruit blijkt dat de self-efficacybenadering werkt, dat we ons
nu zullen moeten concentreren op de kosten-batenanalyse. Wat kost
de educatie van diabetesverpleegkundigen en diëtisten en wat
levert het op? Leidt het programma tot minder ziekenhuisopnamen?
Hebben patiënten pas later pillen nodig of kan de overstap van
pillen naar insuline uitgesteld worden? Allemaal vragen waar we
graag antwoord op hebben.
[1] De brochure is ontwikkeld om te gebruiken als hulpmiddel bij
symbolische modelling. Het boekje bevat naast
patiëntenervaringen onder andere ook tips over aanpassing van de
voeding, aanvullende informatie over diabetes. De brochure is te
bestellen bij Jaap van der Bijl.
| Het onderzoek Onderzoek, gesubsidieerd door
ZonMw Onderzoekers Conclusies Meer informatie Reactie van een collega |
© Jessie van Loon, maart 2005